Soort

In de tram zitten een man en een vrouw naast elkaar. Ik schat de man rond de dertig. Door de kleren die hij draagt ziet hij er uit als een korpsbal. De vrouw is al wat ouder en doet me denken aan Elizabeth Taylor: ze draagt veel make-up en haar zwarte haar staat alle kanten op.
Achter in de tram staat een groepje jongens van niet-Nederlandse afkomst. Ze schreeuwen naar elkaar, duwen elkaar en luisteren naar muziek uit een gettoblaster.
De man en de vrouw ergeren zich duidelijk aan de jongens. “Ach, het is een kwestie van tijd eer dat soort mensen uit Amsterdam verdwenen is,” zegt de man. Tijdens het woordje ‘soort’ knikt hij in de richting van de jongens en haalt dan snobistisch zijn neus op.
“Ja,” beaamt de vrouw terwijl ze haar ijskoude blik op de jongens richt, “het wordt hier toch te duur voor ze om hier te wonen, ze kunnen dat straks toch niet meer betalen.”
Ik voel een koude rilling over mijn rug lopen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *