Lijntje

Ik liep naar zijn boekenkast met video’s. “Zullen we Trainspotting kijken?” vroeg ik.
Hij knikte. We installeerden ons op de bank en lieten de heftige beelden op het scherm op ons inwerken.
“Wil je een lijntje coke?” vroeg hij halverwege.
“Pardon?” Ik knipperde even met mijn ogen. Hij vroeg het op een nonchalante manier, alsof ik dagelijks een lijntje coke door mijn neusgaten naar binnen snoof.
“Ik heb hier nog wel wat liggen.”
“Snuif jij dan?” vroeg ik verbaasd. Natuurlijk snoof hij, domme vraag. Waarom had hij anders dat spul in huis liggen?
Ik dacht even na over mijn antwoord op zijn vraag. Dat ik er überhaupt over nadacht, al was het maar even, verbaasde me meer dan het feit dat hij snoof. Waar was die Aukje gebleven die blowen al heftig vond? Die altijd resoluut nee zei op elk aangeboden pilletje? Die ver uit de buurt bleef van elke vorm van drugs?
“Nou, dat lijkt me geen goed idee,” zei ik enigszins aarzelend.
“Oké,” zei hij. Ik bespeurde geen teleurstelling in zijn stem. Misschien had ik verwacht dat hij zelf een lijntje zou snuiven, maar hij bleef zitten waar hij zat.
“Wat doet coke eigenlijk met je?” vroeg ik nieuwsgierig.
Hij zette de video op pauze en vertelde over zijn ervaringen. Ik luisterde aandachtig. Stiekem had ik best zin om voor één keer recalcitrant te zijn. Om voor één keer een zijweg in te slaan die ik altijd links had laten liggen.
Maar ik kon de gevolgen ervan niet overzien. Het zou een kleurrijk oneindig avontuur kunnen zijn, maar ook een duistere doodlopende weg.
De oude Aukje keerde terug en zei resoluut: “Nee, ik doe het niet.”
Hij knikte, pakte de afstandsbediening van de video en drukte op play. De beelden op het beeldscherm bewogen weer.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *